Nieuwe Bijbelvertaling

Projectteam Nieuwe Bijbelvertaling

Na ruim tien jaar voorbereiding verscheen in oktober 2004 de Nieuwe Bijbelvertaling. Bij dit project, uitgevoerd onder verantwoordelijkheid van het Nederlands Bijbelgenootschap, waren een twintigtal vertalers en nog eens tientallen adviseurs betrokken. Het vertaalwerk werd uitgevoerd door wisselend samengestelde koppels van brontekstkenners en vertaalspecialisten. Saskia van der Lingen vertaalde samen met verschillende brontekstkenners de Bijbelboeken Leviticus, Rechters, 1 en 2 Samuël, 1 en 2 Koningen, 1 en 2 Kronieken, Zacharia en 2 Makkabeeën.

Edities van de Nieuwe Bijbelvertaling

De Nieuwe Bijbelvertaling (NBV) verschijnt in tal van edities. Hieronder een kleine selectie.

NBV standaardeditie 2016

Standaardeditie van de Nieuwe Bijbelvertaling

NBV literaire editie

De Bijbel / Literaire editie: de tekst van de NBV opgemaakt als een 'gewoon' leesboek

NBV Paralleleditie

Paralleleditie: de tekst van de NBV naast de tekst van de Statenvertaling

NBV Studiebijbel

NBV Studiebijbel: de Bijbeltekst aangevuld met inleidingen, voetnoten, dwarsverwijzingen en aantekeningen.

Tanach

Tanach
In april 2007 verschenen Tora (de vijf boeken van Mosjee), Neviiem (de Profeten) en Chetoeviem (de geschriften) in een tweetalige editie met de Hebreeuwse brontekst en de tekst van de NBV. De volgorde van de boeken, de weergave van de godsnaam en de spelling van de Hebreeuwse namen zijn aangepast aan de joodse traditie.

Spin-off van de Nieuwe Bijbelvertaling

Koning David

Het verhaal van koning David uit het Oude Testament. Roman.
Vertaald door Marie-José Wijntjes en Saskia van der Lingen.
Querido leesclubeditie met een nawoord van Maarten 't Hart. Querido, 2006.

Het verhaal over koning David is opgetekend in de bijbelboeken 1 en 2 Samuël en 1 Koningen 1 en 2. De manier waarop motieven als misdaad en straf, haat en liefde, trouw en ontrouw zijn uitgewerkt is door de eeuwen heen actueel gebleven voor zowel gelovigen als niet-gelovigen. Tegelijk vormen deze bijbelboeken een literaire prestatie van formaat: het verhaal over koning David wordt beschouwd als het mooiste dat de Bijbel te bieden heeft.

De Bijbel voor ongelovigen

De Bijbel voor ongelovigen
Guus Kuijer heeft voor zijn succesvolle hervertelling van de Bijbelse verhalen vrijelijk geput  uit de tekst van de Nieuwe Bijbelvertaling.
Vertaling Bijbelteksten in deel 1, 2 en 3: Harry Sysling, Irene Spijker, Theo van der Louw, Arend Jan Bolhuis, Lies Symons, Frits van der Meij, Marie-José Wijntjes, Saskia van der Lingen

De Nieuwe Bijbelvertaling in de dikke Van Dale

Huidvraat

In elk geval heeft één woord uit de Nieuwe Bijbelvertaling nog binnen de gestelde inburgeringstermijn van drie jaar de kolommen gehaald van de dikke Van Dale. 'Huidvraat' is opgenomen in de 14e editie van Van Dale's Groot Woordenboek van de Nederlandse taal.

De Nieuwe Bijbelvertaling in de pers

De Nieuwe Bijbelvertaling heeft bij haar verschijnen in oktober 2004 een ware storm van publiciteit ontketend. Kranten en boeken werden erover volgeschreven, avondvullende televisieprogramma's eraan gewijd. Ook nu nog gaat de discussie tussen voor- en tegenstanders voort.

Over de totstandkoming van de Nieuwe Bijbelvertaling

  • 'Mijn hemel, wat heb ik aangericht?' Interview met Marie-José Wijntjes en Saskia van der Lingen door Peter Henk Steenhuis in Trouw, 20 oktober 2004, onder de titel 'De derde versie was de mooiste' gebundeld in De Bijbel opnieuw vertaald, p. 35–42. (Lees hier het interview)

  • 'Voor alle gezindten: de Nieuwe Bijbelvertaling, zowel geloofsboek als literatuur', door Saskia van der Lingen in Linguaan (2004) nr. 8, p. 4-6. (Lees hier het artikel)

  • 'Worstelen met de Tale Kanaäns: de bijbelvertalers knippen een traditie door.' Interview met Marie-José Wijntjes en Saskia van der Lingen door Elma Drayer in Vrij Nederland, 17 oktober 1998, p. 20–21

  • 'De Bijbel onder vuur: over de persreacties op de Nieuwe Bijbelvertaling', door Henri Bloemen, Filter 6 (1999), nr. 4, p. 2-16

  • Klaas Spronk, Het verhaal van een vertaling: de totstandkoming van de Nieuwe Bijbelvertaling, Uitgeverij NBG, 2005

  • De Bijbel vertaald: de kunst van het kiezen bij het vertalen van de bijbelse geschriften, door Klaas Spronk, Clazien Verheul, Lourens de Vries en Wim Weren. Meinema, 2007. 464 p.

Publicaties naar aanleiding van de Nieuwe Bijbelvertaling

  • Grunbergbijbel: Arnon Grunberg leest het Boek der Boeken, Athenaeum - Polak & Van Gennep, 2005

  • Frits van der Meij, De Bijbel voor beginners, Athenaeum - Polak & Van Gennep, 2005

  • De bijbel volgens Nicolaas Matsier, Amsterdam, De Bezige Bij, 2003

  • De Bijbel opnieuw vertaald, Trouw dossier nr. 34, Rainbow Pockets, 2004

  • Heilige boeken - Nieuwe Bijbelvertaling in zicht, themanummer van Filter 10 (2004) nr. 3, met bijdragen van Frits van der Meij, Ton Naaijkens, Arnon Grunberg e.a.

  • De Bijbel in het nieuwste Nederlands, speciale uitgave van Vrij Nederland, 30 oktober 2004, met bijdragen van Maarten ’t Hart, Doeschka Meijsing, Nicolaas Matsier e.a.

  • Themanummer De Nieuwe Bijbelvertaling, Onze taal 73 (2004) oktober, met bijdragen van Nicoline van der Sijs, Nico ter Linden, Ewoud Sanders e.a.

Recensies

'Wie denkt u wel dat u bent? De Nieuwe Bijbelvertaling is de beste, maar nostalgici hebben een punt', door Hendrik Spiering in NRC Handelsblad, 29 oktober 2004

"De nieuwe vertaling leest erg goed. Op details is veel kritiek mogelijk, maar ook bij nadere vergelijking met de grondteksten en andere vertalingen zijn de gemaakte keuzes bijna altijd te billijken. Want in de Nieuwe Bijbelvertaling is de 'betekenis' van de bijbeltekst op een hoger niveau gelegd dan dat van de woorden. De vertaling hoeft niet woord voor woord te kloppen, maar de zin wél, of dan toch zeker de paragraaf, ja zelfs de tekst als totaal is belangrijk. Ongewoon veel moeite is daarom gestoken in de literaire analyse van de teksten. Door die literaire inspanning is de Nieuwe Bijbelvertaling veel consistenter en 'strakker' geworden dan andere recente bijbelvertalingen."

'Nederhebreeuws of burgermansproza?' door Gert J. Peelen in de Volkskrant, 29 oktober 2004

"Hoewel de statenvertalers geen enkel literair doel nastreefden – integendeel – heeft juist het Nederhebreeuwse karakter de Statenvertaling haar literaire imago gegeven. Dat is al opmerkelijk, maar des te opmerkelijker is dat grote delen van letterkundig Nederland nu massaal lijken te zijn gevallen voor de heldere begrijpelijkheid van de NBV. Het boeiende aan deze vertaling is dat zij ondanks het woord-voor-woord-principe geen Nederhebreeuwse orakeltaal bevat, maar juist klinkt als een klok."

'Hoe God verdween uit Judea: het verhaal van de bijbel', door Ger Groot in NRC Handelsblad, 29 oktober 2004

"In het eerste boek van Samuël gaat de vriendschap tussen David en Jonatan plotseling het midden houden tussen jongensboek en romance, inclusief de daarbij behorende tederheid: 'Ze kusten elkaar terwijl hun de tranen over de wangen liepen, tot Jonatan zich vermande en zei: "Vaarwel."' Dat is geen afscheid tussen goddelijke pionnen meer, maar menselijk drama dat ontroert. Ook David zal in opdracht van zijn Heer nog de gruwelijkheden van de roverhoofdman en zelfs de dienaar Gods begaan, maar zijn klaagzang over Jonatans dood laat zich op zijn beurt nauwelijks met droge ogen lezen: 'Het verdriet verstikt me, Jonatan,/ je was mijn broeder, en mijn beste vriend./ Jouw liefde was mij dierbaar, meer dan die van vrouwen.'"

 'Van melaatsheid tot huidvraat', Hans Jansen in HP/De Tijd, 29 oktober 2004, p. 80–83

"Sommige vertalingen zijn zó trouw aan de grondtekst dat Hebreeuws of Grieks leren minder moeilijk moet zijn dan die vertalingen te begrijpen. Andere vertalingen zijn vooral gericht op de begrijpelijkheid en natuurlijkheid van de taal waarin is vertaald. Daarbij komt het erop aan om het juiste taalniveau te vinden. De NBV heeft een mooi, redelijk, rustig taalniveau, misschien het best te vergelijken met het mooiste uit het Hollands Maandblad of het werk van de beste hedendaagse Nederlandse prozaschrijvers, en is ook zo grondtekstgetrouw als in het Nederlands maar enigszins mogelijk is."

'"Gij" heeft het veld geruimd', door Rob Schouten in Trouw, 28 oktober 2004

"Wat er ook in het origineel staat, de bijbel heeft [in Nederland] sinds de Statenvertaling van 1637 altijd lezers getrokken met zijn poëzie, pathetiek en bijzondere zeggingskracht. De tale Kanaäns is, cultuurhistorisch gesproken, een van haar voornaamste attracties. In deze jongste vertaling is de bijbel verwerkt tot hapklare brokken voor de bijdetijdse lezer. Dat daarbij nogal wat pathetisch en mysterieus taalgebruik het loodje legde was kennelijk onvermijdelijk. Voordeel is dus dat we het voortaan makkelijker begrijpen, maar tegen inlevering van een flinke portie verbijstering, huivering en ontzag."

'De bijbel: een recensie', door Piet Gerbrandy in De Groene Amsterdammer, 22 oktober 2004, p. 33–37

"Wie de bijbel in de eerste plaats beschouwt als rituele tekst die geen andere functie heeft dan de kudde bij elkaar te houden, zal pleiten voor een zo ondoorgrondelijk mogelijke vertaling, want rituelen zijn niet gebaat bij nadenken. Voor anderen is de bijbel een bron van cultuurhistorische informatie. En behalve een religieuze en cultuurhistorische waarde heeft de bijbel ook een literaire betekenis. Als je achter elkaar een aantal willekeurige bijbelboeken doorleest, kun je niet anders dan tot de slotsom komen dat de kwaliteit van Gods ghostwriters niet bepaald constant is. Net zoals de Odysseia ieder tien jaar opnieuw vertaald wordt, moet ook de bijbel steeds opnieuw onder handen genomen worden. Iedere vertaler laat een nieuwe kant van de tekst zien, en de enige manier om een traditie levend te houden is haar permanent aan te passen."

'Ambtenarentaal en grote literatuur', door Guus Luijters in Het Parool, 28 oktober 2004

"De vertaling valt eerlijk gezegd niet mee. In het oktobernummer van Onze Taal uitte dominee Nico ter Linden al de nodige kritiek op de vertaling. 'Dit deugt niet,' was zijn algemene oordeel. Dat is overdreven. Bovendien is deze diephurker die verantwoordelijk is voor die verschrikkelijke kleuterbijbel voor volwassenen misschien wel de laatste die in deze recht van spreken heeft, maar als hij het heeft over 'kille ambtenarentaal' heeft hij een punt, net als Huub Oosterhuis, die stelt dat 'de taal niet muzikaal' is. Als geheel maakt de vertaling een ongeïnspireerde, enigszins vlakke indruk. De ziel is eruit. Het is allemaal nogal bleekjes en nergens wordt echt hoog gegrepen."

Jan Blokker, Jan Blokker jr. en Bas Blokker over de Nieuwe Bijbelvertaling in: Er was eens een God: bijbelse geschiedenis met platen van J.H. Isings, Contact, 2006, p. 10:

“Voor de letterlijke bijbelteksten die in dit boek geciteerd worden, hebben wij na enig aarzelen gekozen voor de vertaling die het Nederlands Bijbelgenootschap in 2004 heeft uitgebracht. Onze aarzeling kwam niet voort uit een diskwalificatie van deze editie. Het is alleen een onmiskenbaar moderne editie, die het Hebreeuws, het Aramees en het Grieks van het origineel heeft omgezet in het Nederlands van de eenentwintigste eeuw. Zeer leesbaar, maar weer een stap verder verwijderd van de Tale Kanaäns.”